Wat de raad besloot over de bezuinigingen 2027-2030
Donderdag besloot de gemeenteraad over bijna 2,8 miljoen euro aan bezuinigingen voor 2027 tot en met 2030. Wij haalden een deel binnen van wat wij wilden. En wij stemden voor een hogere OZB. Dat laatste verdient uitleg, dus hieronder het hele verhaal.
Waarom moeten wij eigenlijk bezuinigen?
Die vraag krijgen wij vaak, en terecht. Het komt hierop neer: er gaat elk jaar meer uit dan er binnenkomt. Zonder ingrijpen zou de begroting van 2027 ruim twee miljoen euro in de min staan. En 2028 en 2029 zijn nog een stuk erger.
Daar zijn twee redenen voor. Onze kosten stijgen: lonen, energie, materialen, onderhoud, zorg en jeugdhulp zijn fors duurder geworden, en die prijzen zakken niet meer terug. Tegelijk krijgen gemeenten vanaf 2026 minder geld van het Rijk. De taken blijven, het budget krimpt. Dat overkomt niet alleen Valkenswaard; het gebeurt door het hele land.
En dan is er nog iets waar veel mensen zich niet van bewust zijn: een gemeente mág geen begroting indienen die niet rondkomt. De provincie controleert dat. Lukt het eerste jaar niet, dan komen wij onder verscherpt toezicht en kijkt Den Bosch mee over onze uitgaven. Dat wil hier niemand.
Er moeten dus keuzes gemaakt worden. Wij vinden dat de raad die zelf moet maken, en niet moet wachten tot iemand anders ze oplegt.
De ruimte om te kiezen is klein
Bijna 2,8 miljoen bezuinigen klinkt als veel. Maar het moeilijke zit ergens anders. Het grootste deel van onze begroting ligt vast: taken die wij wettelijk móeten doen, leningen die al lopen, en bijna een kwart dat naar samenwerkingsverbanden met andere gemeenten gaat.
Wat overblijft is een smalle marge. En laat daar nou net alles in zitten waar mensen iets van merken. Verenigingen. Cultuur. Ondersteuning voor mensen met een laag inkomen. Inwoners betrekken bij hun eigen buurt. Elke euro die je daar weghaalt, zie je terug in de straat.
Waar wij elke maatregel aan toetsen
Wij hebben alles langs dezelfde drie punten uit ons raadsprogramma gelegd. Het eerste jaar moet rondkomen. De rekening schuiven wij niet door naar de volgende generatie. En de lasten gaan niet omhoog als dat niet nodig is.
Daar hoort bij dat wij de spaarpot van de gemeente niet aanspreken om vaste uitgaven te betalen. Die uitgaven komen elk jaar terug. Een spaarpot is dan binnen de kortste keren leeg.
Wat wij wilden veranderen, en waarom
Van het collegevoorstel vonden wij vijfennegentig procent verstandig. Op een aantal onderdelen wilden wij het anders. Ons voorstel is op ons eigen verzoek punt voor punt in stemming gebracht, zodat voor iedereen te zien is waar wij staan. Ook waar wij het niet haalden.
Het budget voor participatie. Het college belooft in zijn eigen programma wijkagenda's voor elke wijk en nieuwe manieren om inwoners mee te laten denken. En schrapt tegelijk het geld voor de mensen die dat moeten organiseren. Inwoners serieus betrekken doe je niet gratis.
De verhuizing van de Kunstkring naar De Haak. Over die verhuizing was nog geen besluit genomen. De Kunstkring stond er niet onwelwillend tegenover, maar wij vinden dat je een besparing pas kunt inboeken op het moment dat de knoop is doorgehakt. Zolang dat niet zo is, zet je een bedrag in de begroting waarvan je nog niet weet of het klopt.
Het budget voor Dommelland. Dat geld is bedoeld om projecten in ons buitengebied voor te bereiden. Minder voorbereiding betekent later beginnen. Uitgerekend de projecten die het college zelf heeft aangekondigd lopen dan vertraging op.
Deze drie zijn niet overgenomen en gaan dus gewoon door. Dat vinden wij jammer, en wij blijven erbij dat dit de verkeerde plek is om te beginnen.
Op een ander punt haalden wij het juist helemaal. Bij de Nota Kaders, eerder dit jaar, is een wensenlijst achtergebleven: plannen die het college wel in zijn programma heeft gezet, maar waar geen geld voor is gevraagd. Wij vonden dat die alsnog betaald moesten worden, en alle vijf onze wensen zijn aangenomen.
Het dorpshuis in Borkel. Een plek waar mensen elkaar tegenkomen is precies wat een kern bij elkaar houdt. Verenigingen zijn hier het hart van de gemeente, en die hebben een dak nodig.
De elektranetwerken. Het net zit vol. Zonder aanpak kunnen bedrijven en nieuwe woningen op termijn niet meer worden aangesloten. Dit is geen luxe, dit is een stopcontact.
LUUXX en de kinder- en jongerenparticipatie. Het college heeft deze allebei zelf aangekondigd. Dan hoort er ook geld bij. Jongeren horen mee te praten over hun eigen gemeente, en dat organiseert zichzelf niet.
De Dorpsstraat in Borkel en Schaft. Voor ons het belangrijkste punt van de vijf. In het hele uitvoeringsprogramma van het college wordt namelijk geen enkele kern bij naam genoemd. Niet Borkel, niet Schaft, niet Dommelen. Wij vinden dat de kernen er net zo goed bij horen, en dus hoort daar ook een planning en een budget bij.
Bij elkaar gaat het om een bescheiden bedrag op een pakket van 2,8 miljoen. Wat je belooft, moet je betalen. Anders staat het alleen maar mooi op papier.
Twee bezuinigingen die er juist bij kwamen
Er zijn ook twee bezuinigingen aangenomen die niet in het collegevoorstel stonden. De extra reinigingsronde in het centrum vervalt, en de parkeerautomaten worden cashless. Daar besparen wij dus extra op.
Allebei stonden ze ook in ons eigen voorstel.
De reden is in beide gevallen dezelfde: hier raakt niemand iets kwijt. Het centrum wordt nog steeds schoongehouden, het gaat om een extra ronde bovenop wat er al gebeurt. En bij de parkeerautomaten betaalt inmiddels bijna iedereen met pin of telefoon, terwijl contant geld in een automaat alleen maar kosten oplevert. Geen voorziening verdwijnt, niemand betaalt meer. Moet er bezuinigd worden, dan beginnen wij liever hier. Wel houden wij in de gaten dat mensen die niet pinnen een alternatief overhouden.
Waarom wij voor een hogere OZB stemden
Dan het onderdeel waar wij ons het meest voor moeten verantwoorden. De onroerendezaakbelasting gaat omhoog met 3,68 procent. Er lag een voorstel om die stijging te beperken tot 1,5 procent, en daar hebben wij tegen gestemd. Voor wie de aanslag betaalt is dat geen leuk nieuws. Daarom leggen wij liever uit hoe wij tot die keuze komen.
Die 3,68 procent heeft niemand verzonnen. Het is het percentage waarmee de gemeente haar hele begroting bijstelt voor gestegen prijzen. Onze eigen kosten worden ermee opgehoogd, en onze inkomsten dus ook. Het voorstel liet de kosten meestijgen en de inkomsten niet.
Voor een huishouden scheelt dat een paar euro per jaar. Voor de gemeente betekent het een gat dat elk jaar terugkomt, en dat bovendien groeit: je verlaagt ook het bedrag waarover je het jaar daarna opnieuw rekent.
Dat geld verdwijnt niet. Onze kosten stijgen namelijk wél. Wat je vandaag niet ophaalt, moet later alsnog worden opgehaald, uit precies dezelfde portemonnee. En dan niet in kleine stapjes, maar in één keer.
Daarom vinden wij dit onverstandig. Het is een keuze om de pijn nu te verzachten en te doen alsof het probleem er over een paar jaar niet meer is. Het levert een prettige kop op, maar het lost niets op. Het staat bovendien haaks op wat wij met elkaar hebben afgesproken in het raadsprogramma: de rekening niet doorschuiven naar de volgende generatie.
Wij begrijpen de reflex heel goed. Alles wordt duurder en mensen voelen dat elke maand. Maar wij denken dat inwoners meer hebben aan een gemeente die eerlijk vertelt hoe het ervoor staat dan aan een paar euro die later met rente terugkomt.
Daar hoort wel een grens bij, en die is wat ons betreft hard. Wij stemmen alleen voor hogere lasten als het gaat om meebewegen met gestegen prijzen, als onderbouwd is waar het bedrag vandaan komt, en als er geen betere optie ligt. Er lag ook een mogelijkheid om de OZB verder op te trekken, naar het landelijke niveau. Daar zag de raad geen heil in, en wij evenmin.
Het zwembad: hier haalden wij het niet
Het college wilde de entreeprijzen van De Wedert met dertig procent verhogen. Dat steunden wij, om één reden: bij een zwembad betaalt degene die er gebruik van maakt. Wat de zwemmer niet betaalt, legt de gemeente bij uit geld dat door alle inwoners wordt opgebracht. Ook door mensen die er nooit komen.
Wat in de discussie nogal eens wegviel: de tarieven voor verenigingen bleven ongemoeid, de gratis woensdagmiddag voor kinderen tot en met twaalf bleef bestaan, en zelfs na die verhoging lagen onze prijzen nog onder die van de zwembaden om ons heen.
Een meerderheid van de raad zag het anders. De entreeprijzen gaan met vijf procent omhoog. Dat is een democratisch besluit en daar leggen wij ons bij neer. Het betekent wel dat er inkomsten blijven liggen die ergens anders vandaan zullen moeten komen.
Bij het Centrum voor Muziek en Dans pakte het andersom uit. Daar blijft het bij de gewone prijsaanpassing van 1,5 procent in plaats van vijf procent. Dat steunden wij juist wél. Muziek- en cultuurles moet ook betaalbaar blijven voor gezinnen die het niet breed hebben.
Wat er verder is besloten
H&G stelde voor de starterslening te verruimen: een hogere maximale koopprijs en een hoger leenbedrag. Dat werd uiteindelijk een motie en die is aangenomen. Wij steunden hem van harte. De wethouder wees er wel op dat het optrekken van de koopprijsgrens niet automatisch betekent dat starters ook meer kunnen lenen. Dat houden wij in de gaten bij de uitwerking.
Dan het voorstel van de VVD: een besparingsopdracht van een miljoen euro op de samenwerking met Cranendonck en Heeze-Leende. Die boodschap onderstrepen wij. Bijna een kwart van onze begroting gaat naar samenwerkingsverbanden, en juist dáár moeten wij scherper kijken. Dat willen wij zelf ook.
Alleen: een miljoen inboeken zonder dat erbij staat waar het vandaan komt, is risicovol. Dan reken je je rijk met geld dat er misschien niet is. Het college gaf er bovendien bij aan dat het voor de begroting van 2028 niet haalbaar is. Wij hebben tegengestemd, terwijl wij het met de richting eens zijn. Het voorstel haalde het niet.
Wat er is ingetrokken, en waarom
Er zijn die avond ook voorstellen van tafel gegaan. Dat is geen nederlaag en ook geen spelletje, dus wij zetten ze hier gewoon op een rij.
Het voorstel van H&G over de Dorpsstraat in Borkel en Schaft. Dat wilde precies hetzelfde als ons eigen voorstel, en de raad had dat punt via onze wensenlijst al aangenomen. H&G heeft het daarom ingetrokken. Wij wilden hetzelfde, dus hoefde de raad er maar één keer over te stemmen. Zo kan het dus ook.
Een onderdeel van ons eigen voorstel, over de tarieven van het Centrum voor Muziek en Dans. Dat stond woordelijk ook in het voorstel van H&G. Wij hebben het ingetrokken om dubbele stemmingen te voorkomen. Het resultaat is er niet minder om: die verhoging is van tafel.
En onze eigen drie moties. Die hoorden bij elkaar en gingen over dezelfde vraag: waar zoeken wij het geld dat wij na 2027 nog nodig hebben? Ons antwoord daarop is eerst bij de regio, dan bij onze eigen organisatie, en pas als laatste bij onze inwoners.
Het college raadde alle drie af, en een deel van die argumenten sneed hout. Wie veel taken zelf uitvoert heeft meer mensen in dienst en meer overhead, dus een kaal getal over de formatie zegt weinig. Er verdwijnen al achtenhalve arbeidsplaats terwijl er een programma vol ambities ligt. En er loopt al een onderzoek van de rekenkamer naar onze organisatie.
Wij hebben onze moties daarom ingetrokken. Achteraf waren ze waarschijnlijk wat voorbarig: je kunt beter de uitkomsten van dat onderzoek afwachten dan er nu al overheen walsen. Dat schrijven wij liever op dan dat wij het stilletjes weglaten.
Ons standpunt hebben wij niet ingetrokken. Twee conclusies van het college nemen wij namelijk niet over. De eerste is dat bezuinigen altijd ten koste gaat van de dienstverlening. Als dat waar is, kun je nergens meer besparen. Ook niet daar waar het college het zelf voorstelt. De tweede is dat vragen om scherpte bij een samenwerkingsverband een verkeerd signaal zou afgeven. Aan de andere kant van die tafel zitten gemeenten met precies dezelfde opgave als wij. Wie daar kritisch meekijkt is geen lastpak, maar een betrokken mede-eigenaar.
Wat er onder de streep overblijft
Alles bij elkaar houdt de begroting voor 2027 nu ongeveer 275.000 euro over. Vóór deze avond was dat 475.000 euro. 2027 komt dus rond, en dat is goed nieuws.
Die tweehonderdduizend euro is alleen niet verdwenen. Die verschuift naar de jaren daarna, en die waren al het zwaarst. Wij hadden graag gezien dat andere fracties daar meer verantwoordelijkheid voor namen. Wie vandaag iets terugdraait, maakt de puzzel van volgend jaar groter. En volgend jaar zijn de makkelijke keuzes op.
Hoe nu verder
Al deze besluiten zijn richtinggevend. Het college gaat er de begroting mee opstellen, en in november stelt de raad die begroting pas echt vast. Tot dat moment kan alles nog een keer op tafel komen. Ook de OZB.
Wij hopen dat dat niet gebeurt. De zorgen over stijgende lasten begrijpen wij heel goed, want die voelen wij zelf ook. Maar wij willen eerlijk beleid voeren, en de rekening niet een paar jaar later alsnog bij onze inwoners neerleggen.
Want 2027 komt rond, en dat is het makkelijkste jaar. Voor 2028 staat er nog altijd ruim twee miljoen in de min en voor 2029 drie miljoen. Die opgave verdwijnt niet doordat wij onze voorstellen hebben ingetrokken.
Bij de begrotingsbehandeling in november komen wij erop terug, dan met het onderzoek van de rekenkamer erbij. En tot die tijd stellen wij bij elk voorstel dezelfde vraag: wat is er eerst bij de regio en bij onze eigen organisatie geprobeerd, en waarom was dat niet genoeg?












